Waarom Nederland mijn favoriete vakantieland is

Met de fluisterboot door sloten en meren.
Dobberen door het Waterland.

Een kaarsrecht, geasfalteerd fietspad dwars door de Veluwe. Zonnetje aan de hemel, prettig zomerbriesje. Met mijn twee broers fietste ik voorop, tien meter achter ons volgden onze ouders, naast elkaar. Ik keek achterom om naar ze te zwaaien en keek daarna weer voor me uit. Tien seconden later draaide ik mijn hoofd weer om omdat ik iets naar mijn ouders wilde roepen. Ik zag alleen mijn moeder nog. Mijn vader was in de greppel naast het fietspad gedonderd. Geen idee hoe. 

Het zijn dierbare herinneringen aan de vakanties die ik in mijn jeugd heb beleefd. Memorabel is zeker ons bezoek aan Nationaal Park De Hoge Veluwe. Toen al kon je daar de beroemde Witte Fietsen gebruiken en zo op een plezierige manier het natuurschoon doorkruisen. Maar dan moesten er wel genoeg fietsen zijn. Wij waren met zijn vijven en kwamen op deze – naar later zou blijken historische – dag twee fietsen te kort. De fietstocht waarop we ons met het hele gezin hadden verheugd dreigde niet door te kunnen gaan. 

Dat liet mijn moeder niet gebeuren. 

‘Kom mee,’ zei ze tegen me en terwijl mijn vader en mijn twee broers alvast de laatste drie fietsen uit het rek pakten beende ze met grote passen doelgericht weg, al wist ik nog niet waarheen. Niet-begrijpend volgde ik haar. Moeders wil was wet en ik stelde geen vragen. Ook niet toen ze bij het toiletgebouw ging staan. Wel begon er iets bij me te dagen. 

Een man en vrouw kwamen aanrijden, stapten af, zetten hun fietsen tegen het gebouw en liepen naar binnen om hun behoefte te doen voordat ze aan hun dagje fietsen zouden beginnen. 

‘Nu!’ riep mijn moeder. Ze liep naar de fietsen, duwde er een in mijn handen en pakte zelf de andere. ‘Opstappen en en wegwezen!’ klonk het. Als in een droom volgde ik het commando op. 

We voegden ons bij de rest van het gezin – mijn vader schudde langzaam het hoofd, weet ik nog. ‘Zo,’ zei mijn moeder. ‘Nu gaan we lekker fietsen.’  

Om de aangegeven route te kunnen starten moesten we langs het toiletgebouw. ‘Doorfietsen en niet kijken!’ siste mijn moeder. Maar ik kon het niet laten. Uit mijn ooghoek zag ik het stel staan. De verbijstering stond in hun ogen. Toch waren ze nog lang niet zo verbijsterd als ik. 

De Veluwe.
De Veluwe. Heerlijk om doorheen te fietsen. Als je een fiets hebt.

Meestal brachten we onze zomervakantie door in een gezellig en comfortabel huisje in een bungalowpark. Voetballen en badmintonnen in de tuin, fietsen en zwemmen en elke dag een ijsje. Toen we ouder werden, kwamen de bestemmingen verder te liggen. We streken neer in hotels in Oostenrijk, Italië en Spanje. Erg leuk, zeker de strandvakanties, maar Nederland is mijn favoriete vakantieland gebleven. Ook vanwege de reistijd; ik heb een hekel aan lange autoritten – sowieso aan autorijden – en helemaal aan uitputtende reizen met de bus. Ooit hadden mijn ouders bedacht ons met de bus naar Lloret de Mar te laten vervoeren. Achttien uur heen, achttien uur terug. Gebroken kwam ik op mijn bestemming aan. En met piepende adem, want in die tijd was het doodnormaal om een in warme, benauwde bus massaal te roken.  

Toen ik zelf vader werd zochten we het met onze vakanties ook niet al te ver. Texel, Friesland, Zeeland – heerlijk. Met de auto net te doen. Eenmaal heb ik me met het gezin over de grens gewaagd en reed ik in pakweg acht uur zonder oponthoud naar het gereserveerde huisje in de Belgische Ardennen, tegen de Franse grens. Erg plezierige vakantie. Alle boeken van Nicci French verslonden met een fles wijn binnen handbereik.   

Maar Nederland blijft mijn favoriete vakantieland. 

Texel.
Texel. Altijd leuk.

Gelukkig zit ik daarmee op één lijn met mijn vriendin. Ons eerste lange weekend samen brachten we door in een kasteel in Maastricht, het 1-jarige bestaan van onze relatie vierden we op Texel en afgelopen week vierden we vakantie niet alleen in eigen land, maar zelfs in en vanuit onze woonplaats, het schilderachtige Purmerend.  

Veel gewandeld en gefietst. Hoogtepunt was een vaartocht met een fluisterboot door de sloten en meren rond Monnickendam, Broek in Waterland en Zuiderwoude. Lekker tuffen en dobberen zonder iemand tegen te komen. 

Nee, voor vakantievertier hoef ik het echt niet ver te zoeken.