Niks zo leuk als… niksen

Tja, noodgedwongen thuis blijven vanwege dat dekselse coronavirus. Als beroeps- en hobbymatig schrijver kom ik de dagen goed door. Tussendoor en in het weekend haal ik boodschappen, draai ik wasjes en ga ik met de stofzuiger door het huis.  En ik kijk meer dan normaal naar de televisie. Maar vaak doe ik ook… nou, ja… niks. Ik moet zeggen: daarin ben ik heel bedreven. En het bevalt me uitstekend, ik heb er lol in. Soms denk ik zelfs: er is niks zo leuk als niksen. 

Niksen.
Niksen. Ik ben er erg goed in.

Niksen is niet voor iedereen weggelegd. Dat zie en hoor ik om mij heen. Toen ik afgelopen maandag – de enige dag dat ik niet thuis werk – naar mijn kantoor in mijn woonplaats Purmerend reed, stond ik zomaar in een file. File? Ik snapte er niets van. Dat gebeurt mij nooit. Maar het daagde al snel. Ik reed op de weg die in een bocht langs de milieustraat voert. Tientallen auto’s stonden in een rij om afval te lozen. Om kwart over acht in de ochtend! Ik kon alleen maar aansluiten en afwachten. Gelukkig hoefde ik niet langs een bouwmarkt. Daar schijnt nu ook topdrukte te heersen. 

Ik pak een krant of boek

Nee, zelf ga ik deze dagen niet ineens opruimen en klussen. Zodra ik klaar ben met mijn werk of een blog heb geschreven, pak ik een krant of boek. En ik kijk televisie. Doe ik normaal gesproken niet zo vaak, maar nu wel.  

Op dit moment volg ik de gehele James Bond-cyclus – van Sean Connery tot Daniel Craig. Deze films heb ik al een stuk of 37 keer gezien, maar ze blijven leuk. En ik kijk op de zondag naar de films rond Jason Bourne. Die heb ik nog niet eerder gezien. En wat een vaart, wat een actie. En nu maar hopen dat Die Hard deel 1 tot en met deel weet ik veel ook weer voorbijkomen. 

Voetbalmarathon van 7 uur 

Er worden nu ook historische voetbalkrakers uitgezonden. Héérlijk. Afgelopen zondag heb ik met mijn zoon enorm genoten van een heuse voetbalmarathon. Niet minder dan 7 uur lang hebben we naar allerlei wedstrijden gekeken: eerst een terugblik van ruim 2 uur op het EK 1988, inclusief de rondvaart door de Amsterdamse grachten langs zwaar beladen woonboten. Daarna Nederland-Spanje – je weet wel, de dolfijnenduik van Van Persie. En tot slot, na een korte pauze om bij de snackbar om de hoek een eenvoudige, maar voedzame maaltijd te kunnen halen, Nederland-Brazilië, die geweldige ommekeer van een 0-1 achterstand naar een 2-1 winst. Heel Brazilië in tranen, heel Nederland in jubelstemming.  

Toch weer heel spannend allemaal, ook al was de afloop bekend. 

Bal.
Lekker met mijn zoon naar voetballen kijken.

Maar er zijn dus ook momenten dat ik niks doe. Ik wist van mezelf al dat mij dat moeiteloos afgaat.  

Ik was er al goed in toen ik nog in Hilversum werkte en dagelijks tweemaal anderhalf uur in de trein zat. In het begin nam ik nog wel eens een boek mee, maar van lezen is het amper gekomen. Liever keek ik gewoon maar een beetje naar buiten of voor me uit. Of ik sloeg aan het mijmeren. De reistijd brak me na verloop van tijd op, en toen nam ik de auto, maar toch vond ik het wel wat hebben, die lege uren. 

Trein.
Dagelijks tweemaal anderhalf uur in de trein. Het had zeker zijn plezierige kanten.

Hoe dat gaat, niks doen? Nou, gewoon, je gaat zitten en doet… niks. Meer is het niet. 

Nu moet ik wel zeggen dat ik een voordeel heb: anders dan heel veel mensen heb ik niet het idee dat ik doorlopend iets zou moeten doen, dat rusteloze, dat niet stil kunnen zitten. Ik ben van nature vrij passief. Dat maakt niets doen wel een stuk makkelijker. 

Bovendien ervaar ik het als heel ontspannend, dat niets doen. En het grappige is: het is ook heel inspirerend. Af en toe wellen zomaar, letterlijk vanuit het niks, ideeën en gedachten op. Onderwerpen voor blogs. Verrassende inzichten.

Soms ook dingen die ik zou kunnen doen. Of niet.