De leukste club van Nederland

Het begon te regenen. Harder en harder. Bakken hemelwater gutsten over ons heen. Samen met de andere deelnemers zochten mijn vriendin en ik beschutting onder het dichte gebladerte van de bomen. Het had geen enkele zin; de regen ging er dwars doorheen. De natuurgids vertelde intussen vrolijk verder over de vleermuizen die zich in de heemtuin, een groene parel aan de rand van Purmerend, ophouden. Maar het werd te bar. Hij brak de excursie af, en de bijdrage hoefden we niet te betalen. Alsof het allemaal zijn schuld was. Sympathiek gebaar. Maar sowieso vind ik het IVN de leukste club van Nederland. 

Vleermuizen.
Helaas geen vleermuis gezien; de excursie viel in het water.

Het IVN – voluit het Instituut voor Natuureducatie – is een wijdvertakte landelijke organisatie die de natuur dichter bij de mensen brengt. Dat gebeurt aan de hand van excursies onder leiding van een bevlogen gids, laagdrempelige cursussen en activiteiten voor kinderen, zoals slootje scheppen en braakballen van uilen uitpluizen.  

Ik heb eerder bij een krant gewerkt en gaf de plaatselijke IVN-afdeling alle gewenste publiciteit. Gewoon een kwestie van gunnen, maar ook geboren uit mijn eigen interesse in de natuur. Aankondigingen van activiteiten plaatste ik ergens voor in de krant. Voor de zekerheid liet ik er de vormgever een dik lijntje omheen zetten of hij gaf er een kleurtje aan. Zo trokken deze berichten mooi de aandacht. 

Met een uilenspecialist nestkasten controleren

Vaak ging ik zelf met IVN’ers op pad. Dat mondde dan uit in een mini-reportage. Ik heb eens een avond met een uilenspecialist door een bos gedwaald om nestkasten te controleren. Tussendoor vertelde hij van alles over uilen. Ik noteerde het allemaal. Dat werd wel steeds lastiger naarmate de duisternis intrad. Maar het bleek geen probleem te zijn. Ik was zo gegrepen door zijn enthousiaste verhaal dat alles nog in mijn hoofd zat. En tegelijkertijd, een de leuke kanten van dit vak, leerde ik weer wat nieuws. 

Uil.
Goed kijken, dan kom je deze misschien een keer tegen

Ik ben op een herfstige namiddag met een paddenstoelenkenner hetzelfde bos in gedoken en heb me uitgebreid laten informeren over eetbare zwammen en zwammen die je beter kunt laten staan. Hij torste een rugzak met zich mee die hij had volgestouwd met boeken. Bij elke paddenstoel die we tegenkwamen pakte hij er een boek bij en bladerde net zo lang totdat hij mij het bijbehorende plaatje kon laten zien. Het werd een lange avond. 

Giftige zwam.
Ho! Niet aankomen, en zeker niet eten.

Een verborgen groen paradijsje

Door de heemtuin van Purmerend, in beheer van de plaatselijke IVN-afdeling, ben ik al eens eerder rondgeleid. Een verborgen groen paradijsje aan de rand van de stad. Had ik anders nooit geweten. Ik kom er nu nog steeds, als ik met mijn vriendin door Purmerend wandel. 

Diverse excursies heb ik al meegemaakt. En het leuke is: de natuurgidsen van het IVN hebben veel kennis in huis, maar het zijn geen betweters. Ze willen vooral hun liefde voor de schoonheid en samenhang van de natuur delen. En als een deelnemer iets over een plant of vogel kan vertellen wat ze nog niet wisten, nou graag. 

Terug bij de krant, terug bij het IVN

Ik werk nu weer bij een lokale krant en heb meteen weer contact met het IVN. Het was een kwestie van tijd. Deze keer met de afdeling Twiske, omdat dit recreatiegebied binnen mijn werkterrein ligt.  

Afgelopen week trof ik daar Karin en Lidy, twee vrijwilligers van deze afdeling. Zij vertelden mijn van alles over Het Twiske in coronatijd. En over de wonderlijke samenhang van de natuur. De hondsdraf die in de buurt van brandnetels groeit. De ene plant bezorgt je jeuk, de andere heft de jeuk weer op. Maar ook over de bewustwording die bij mensen ontstaat nu ze noodgedwongen meer thuis zitten. Meer oog voor de natuur in hun eigen woonomgeving. Het is een ontwikkeling die het IVN van harte toejuicht. 

IVN Twiske.
Karin (links) en Lidy van het IVN Twiske.

Een recordaantal mensen heeft onlangs deelgenomen aan de landelijke bijentelling, heb ik van de dames begrepen. Niet minder dan 10.000 mensen hebben 136.068 bijen in hun tuin geturfd. De honingbij staat nog altijd onbedreigd op nummer één. Maar de rosse metselbij heeft zijn kans gegrepen en is geklommen van de derde naar de tweede plaats. Wist je dat? Nou, ik evenmin. Sowieso had ik nog nooit van de rosse metselbij gehoord. Maar nu weet ik het wel. Dankzij het IVN.

Rosse metselbij.
De honingbij staat nog altijd op één, maar pas op: de rosse metselbij komt eraan!.