9 kilo lichter: mijn overhemden bloezen weer

Mijn overhemden passen weer.
Lang hingen mijn overhemden kansloos in de kast.

Gespannen trek ik de weegschaal onder het badkamerkastje vandaan. Twee weken geleden heb ik me voor het laatst gewogen, en nu mag het van mij weer. Behoedzaam stap ik op de plaat. Met ingehouden adem (en buik) kijk ik naar de display: 76,7 kilo! Weer 3 kilo lichter! Amper anderhalve maand eerder kreunde het arme apparaat nog onder een gewicht van 85,5 kilo. Kortom: in 6 weken ben ik 9 kilo afgevallen. Wat een resultaat! 

Mijn buik slinkt. Dat voel en zie ik ook als ik kleren aantrek. T-shirts kruipen niet meer eigenzinnig richting navel, truien zitten een stuk ruimer, overhemden die kansloos in de kast hingen bloezen weer. 

Ik ben aan een afvalrace begonnen

Dat de boel zo ontzettend strak zat was een van de aanleidingen om aan mijn afvalrace te beginnen. Vorig jaar in de zomer nog maar ging ik er met mijn vriendin en dochter op uit om te gaan shoppen – een unieke gebeurtenis. We kochten onder meer twee leuke, mooie overhemden die best prettig zaten. 

Ja, toen nog wel.  

Twee maanden geleden trok ik één daarvan vrolijk uit de kast. Mijn immer opgewekte stemming boog om naar vertwijfeling en ontzetting toen bleek dat het knoopje ter hoogte van mijn navel erg zijn best moest doen om vast te blijven zitten. Het andere overhemd hoefde ik niet eens meer te proberen. Dezelfde maat, dus hetzelfde probleem. 

Gadverjakkes. 

Het waren best warme dagen, en toen ik kort na dit echec thuis de twee trappen naar beneden liep om de post te halen en op mijn weg naar boven danig begon te steunen van de inspanning – wélke inspanning in vredesnaam – heb ik mijn beslissing genomen.  

Afvallen. En wel meteen. 

Ik verlies verantwoord kilo’s

Het gaat voortvarend. Ik verlies verantwoord kilo’s. Niet met een crashdieet, maar met een gezond, verantwoord en uitgebalanceerd programma, onder professionele, medisch onderlegde begeleiding.  

En het wonderlijke is: het voelt allemaal heel normaal en vanzelfsprekend, terwijl ik al dertig jaar een pens zo groot als een watermeloen meezeulde. 

Uitstekende graadmeter

Dat allerlei kledingstukken weer passen is natuurlijk een uitstekende graadmeter. Dat is bovendien het voordeel van bijna nooit nieuwe kleding kopen. In plaats daarvan teer ik voornamelijk op antieke shirts, broeken en truien. Die draag ik totdat ze te erg van kleur verschieten, beginnen te rafelen of ten prooi zijn gevallen aan motten. 

Waarom ik bijna nooit nieuwe kleding koop? Nou, heel simpel: omdat ik daar een godsgruwelijke klere(n)hekel aan heb.

Dat gedóe.  

Ooit moest ik een jas kopen en heb ik een vrouwelijke collega meegenomen. Die verheugde zich op een gezellig middagje shoppen. Ik liep de eerste kledingwinkel in die we tegenkwamen, pakte lukraak een jas uit een rek, paste hem even snel en heb hem gekocht. Klaar. 

Voor haar was het een grote teleurstelling.  

Zo’n benauwd hokje

Vooral passen vind ik een ramp. Zo’n benauwd hokje waarin ik mijn stramme lijf nauwelijks kan keren. En dan steeds weer een nieuwe broek aangereikt krijgen die dan nét niet past. Kan ik weer helemaal opnieuw beginnen. 

Zo'n benauwd pashokje.
Kleding passen – dat gedóe.

Gelukkig hoeft dat nu niet meer. Want nu ik in omvang ben afgenomen doemen er nieuwe kansen op.  

Interessante ontdekkingsreis

Vol inspiratie en enthousiasme ben ik vandaag aan een interessante ontdekkingsreis begonnen. Ik ben mijn kledingkast aan het uitgraven. En ik kom tot mijn grote vreugde shirts, truien en overhemden tegen die ik jaren geleden – en dan bedoel ik ook echt járen geleden – met plezier droeg. 

Zullen ze weer passen? Zal het echt zo zijn? 

Ik ga het allemaal uitproberen. Want nu vind ik kleren passen ineens wél leuk. 

Echt van deze tijd zal het allemaal niet ogen. Hoewel, vaak komen kledingstijlen van vroeger weer in de mode. 

Dus misschien zet ik wel een trend.