Een boek, dat is andere koek

Boekenwinkel
Mijn ambitie is dat mijn historische roman over een jaar in de winkel ligt.

Een golf van wanhoop spoelde door zijn lichaam. Maar hij vermande zich. Hij was immers een Sonck. De kerker was een hok van nog geen vier bij vier meter. Er kwam wat licht door het getraliede raam, hoog in de muur tegenover de deur. Links stond zijn bed. Een houten ledikant met daarop een dun, verschoten matras. Er lagen een slordig opgevouwen, vergeeld laken op en een donkerbruine deken. In de hoek stond een houten tafeltje met twee stoelen. Twéé stoelen? Voor wie was die tweede stoel? Voor bezoekers? Een smalend lachje ontsnapte aan zijn lippen. Nee, bezoek verwachtte hij niet. 

Een willekeurig stukje uit de eerste versie van de historische roman die ik aan het schrijven ben. Taaie klus, maar o zo heerlijk om te doen. Het is mijn grote ambitie en wens om dit boek rond mijn zestigste verjaardag – op 26 juli 2021 – uit te brengen. Mag iets eerder, mag ook iets later. Dat het allemaal precies volgens een planning moet gebeuren, dat is een valkuil waar ik vroeger al diverse malen in ben gedonderd. Tegenwoordig loop ik er behoedzaam omheen. 

Een nauwelijks te bedwingen schrijfdrang

Ik word mijn leven lang prettig geplaagd door een nauwelijks te bedwingen schrijfdrang. Herken je dat? Dat kriebelende bloed? Dat opgetogen gevoel in de onderbuik, het gevoel dat daar iets opwelt dat eruit moet? Het overkomt mij als ik voor mijn krant iemand heb geïnterviewd. Eerst aanbellen met een leeg notitieblok in mijn tas, na een uurtje de deur uit met volgeschreven vellen, vellen met citaten, aantekeningen en steekwoorden (aan gesprekken opnemen doe ik niet) en onderweg naar huis of kantoor het verhaal in mijn hoofd alvast componeren. Maar soms begin ik vanuit mijn gevoel gewoon te tikken en dan ontvouwt zich, zin voor zin, het verhaal automatisch. Nog leuker vind ik dat. 

Zo schrijf ik mijn blogs ook. Het begint met een ideetje, een schopje in mijn maagstreek – zou dat bij een zwangere vrouw ook zo voelen? Dan laat ik alles vallen waarmee ik bezig ben en log in in mijn WordPress-account. En dan ontstaat er een verhaal. Foto’s erbij zoeken, linkjes plaatsen, aansprekende kop bedenken, nog even de tik- en schrijffouten eruit halen en daarna publiceren en doorzetten naar Facebook en LinkedIn. 

En nu dus een boek. En dat is andere koek.  

Een staart met een krul erin

Ik heb al eerder boeken geschreven, voornamelijk levensverhalen, maar dat zijn eigenlijk uitgebreide uitwerkingen van interviews, het werk dat ik al doe en beheers. De basis vormt de informatie die mij tijdens de serie vraaggesprekken is aangereikt. En dan is het aan mij om alle aantekeningen om te zetten in een boeiend boek met een kop en een staart – het liefst met een krul erin. Ik heb al een aantal levensverhalen op mijn naam staan. 

Levensverhalen
Ik heb een aantal levensverhalen op mijn naam staan.

Maar een boek schrijven, waarvoor ik een uitgever wil interesseren en dat uiteindelijk in de winkel moeten komen te liggen… daar komt iets meer bij kijken.  

Roman gebaseerd op feiten

Mijn roman speelt in het begin van de achttiende eeuw en is gebaseerd op feiten. Die zijn op zichzelf al interessant genoeg. Ik heb een rijke schat aan informatie opgediept. De hoofdpersoon, die echt heeft bestaan, heeft zo zijn sporen achtergelaten en tot mijn grote verrassing is er veel bewaard gebleven. Met dank aan Google en twee historische verenigingen die ik heb geraadpleegd. 

Maar daarmee heb ik nog geen boek, dat van begin tot eind boeit. Het is geen kwestie van alle informatie chronologisch achter elkaar zetten. Ik moet er bovendien nog heel veel bij verzinnen. 

Het project loopt uitstekend, maar wel langzaam. Dat geeft niet; ik heb geen haast. Ik ben al eens eerder, twee keer zelfs, aan een boek begonnen en dat moest toen allemaal snel-snel. Geen plan, geen structuur, gewoon tikken-tikken-tikken. Totdat ik strandde en alles ophield. 

Mijn 3 inspiratiebronnen

Ik bouw het nu rustig op. Gisteren hoofdstuk 7 getikt en tot nu toe ben ik best tevreden. Maar af en toe stokt het. En dan moet ik me even laven aan mijn inspiratiebronnen, want dat heb ik af en toe nodig om weer op gang te komen.  

Ik heb er 3. 

Mijn grootste inspiratiebron is Stephen King. Een oeuvre waar je helemaal duizelig van wordt. Spannende boeken, vaak een decimeter dik, geschreven in een prettige verteltrant en met een enorme fantasie. Met als hoogtepunten The Shawshank Redemption en The Green Mile – boeken die ik keer op keer herlees en die beroemde films hebben opgeleverd. Bijna elk boek van hem is verfilmd en misschien liggen er nu filmmakers met elkaar te rollebollen omdat ze allemaal met het vorig jaar verschenen boek – Het Instituut – aan de slag willen. Stephen King heeft ook een boek over het schrijverschap uitgebracht. Gouden tips staat daarin, die ik regelmatig nalees. 

Het Instituut
Weer een boek van Stephen King.

Inspirerend is voor mij ook de site van Dennis Rijnvis. Een rijkdom aan stimulerende blogs, tips en aanbevelingen, met verwijzingen naar aansprekende voorbeelden – onder meer uit het oeuvre van Stephen King. Zelf heeft Dennis ook een succesvol boek geschreven, dus hij roept niet zomaar wat. 

Soepel geschreven pageturner

Mijn derde inspiratiebron is Lisa van Campenhout. Talentvolle oud-collega, die onlangs debuteerde met Bijna Echt, een verfrissende, originele en soepel geschreven pageturner voor young adults (maar eigenlijk voor elk lezerspubliek).

Bijna Echt
Bijna Echt, het debuut van mijn ex-collega Lisa van Campenhout.

Toen we nog collega’s waren wandelen we vaak in onze lunchpauze over de Hilversumse heide. En dan praatten we over het schrijven van boeken, een gedeelde droom. Eerst schrijven, later inkleuren, gaf Lisa ooit als tip. En ook zij weet waar ze over praat. Het bewijs ligt in diverse boekenwinkels.

De tip van Lisa heb ik altijd onthouden. Het was voor mij zelfs een eye-opener, want bij mij moest het aanvankelijk allemaal in één keer perfect en compleet zijn, en daarmee liep ik geheid vast. Ik schrijf nu meer ontspannen, met meer plezier, in het besef dat het niet in één keer goed hoeft te zijn. Aanpassen en herschrijven kan altijd. 

Met mijn roman zit ik nu op ongeveer 9.300 woorden. Het begin is er. De omslag ook, want mijn ex heeft daar op mijn verzoek een prachtige tekening voor aangeleverd. Nog pakweg 70.000 woorden te gaan – op naar mijn zestigste verjaardag. Geloof me, het wordt een mooi boek. 

Nog een jaartje geduld.

8 antwoorden op “Een boek, dat is andere koek”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *